Gëinformeerd. Voorbereid. Samen

Getuigenissen

Getuigenissen - Témoignages

Getuigenis van Philippe Rouxhet, tweelingbroer van Olivier

Op 25 januari 2011 is een duikersteam van de Civiele Bescherming op zoek naar de verdwenen zusjes Alison en Amélia Decloux. Op 16 januari is de zesjarige Amélia in het water gevallen; haar twaalfjarig zusje Alison is haar achterna gedoken om haar te redden. Tevergeefs.


Bijna tien dagen lang zoeken de duikers van de Civiele Bescherming naar de zusjes. Ervaren duiker Olivier Rouxhet (39) is één van hen. Op dinsdag 25 januari duiken ze aan de dam van l’île Monsin in Luik. Alle mogelijke voorzorgsmaatregelen zijn genomen maar toch gaat het fout. Rouxhet komt om tijdens de zoekactie.

Zijn tweelingbroer, Philippe, heeft onmiddellijk besloten dat hij zijn moeder en familie zou afschermen van de media. “Ik heb aan de journalisten respect gevraagd. Respect voor mijn broer en respect voor de rouw en het verdriet van mijn familie.”

 

“De media hebben gevolg gegeven aan onze vraag. De situatie was vrij uitzonderlijk: een tv-zender stond de zoekactie te filmen toen mijn broer is omgekomen. Wel, ze hebben met de grootste zorg en respect beelden gekozen voor hun nieuwsuitzendingen. Op geen enkel moment hebben ze zaken getoond die mijn moeder en onze familie onnodig meer pijn zouden berokkenen.”
 

“Elke situatie is anders maar als ik mensen een beetje raad mag geven, dan zou hen zeker voorstellen van hulp te vragen bij het praten met de media. Hulp van een vriend of kennis die woordvoerder wil zijn, hulp van een persdienst als je met een organisatie of bedrijf te maken hebt. Steun van iemand die afstand kan nemen van al die emoties die je overweldigen.”

 

Philippe was vroeger zelf ook duiker bij de Civiele Bescherming: “Bij operaties op zoek naar vermiste personen heb ik dikwijls een persofficier aan het werk gezien. En het gebeurde nogal eens dat een interview in een verkeerde context werd geplaatst of onze woorden verdraaid werden weergegeven.”

 

“Die ervaring heeft ervoor gezorgd dat ik zo gereageerd heb: ik heb overlegd met de familie en onze boodschap goed voorbereid. Da’s heel belangrijk: voorbereiden wat je wil vertellen. Veel journalisten heb ik ook verwezen naar het parket of naar de persdienst van de Civiele Bescherming.”
 

“Ik heb de journalisten hun werk laten doen. Ze hebben recht op informatie en een totale informatiestop houdt risico’s in. Je kan de indruk wekken dat je iets wil achterhouden. Maar anderzijds was ik geen getuige van het ongeval : ik kon dus niets vertellen over wat of hoe er gebeurd was. En ik wilde ook niets vertellen om te vermijden dat mijn woorden fout zouden geïnterpreteerd worden. Andere mensen waren bevoegd om te communiceren over de feiten.”
 

“Ik heb er wel voor gezorgd dat de journalisten twee foto’s kregen. Foto’s die mijn broer toonden zoals hij was: een harde werker, iemand die hield van reizen en van de natuur.”

 

Op de begrafenis heeft Philippe via de persdienst van de Civiele Bescherming de media verzocht de familieleden niet van dichtbij te filmen. Achteraf heeft hij aan alle tv-zenders een kopie van de beelden van de beelden van de begrafenis gevraagd. Philippe: “Voor de dochter van Olivier. Niet iedereen heeft de beelden gegeven maar wat we hebben, is toch zeer kostbaar voor haar. Later als ze groot is zal ze zich het leven van haar vader en wat er gebeurd is, beter kunnen voorstellen. Ze zal het op een of andere verjaardag niet in een “boekske” moeten lezen.”

 

Op 25 januari en de weken erna blijkt Philippe een rots in de branding voor zijn familie: “Ik was kapot en geschokt door een razende stroom aan emoties waarin je bijna verdrinkt. Ik begreep niet wat ons overkwam. En tegelijkertijd wilde ik kost wat kost mijn moeder en familie uit de media houden. Ik weet niet meer vanwaar die sterkte of energie kwam om de zaak in handen te nemen maar ik weet zeker dat ik het niemand aanraad.”

 

“Het leven zonder Olivier is al moeilijk genoeg maar omdat onze familie op de achtergrond is gebleven, hebben we onze rouw iets beter kunnen verwerken, denk ik. De blikken van de mensen op mijn mama en op ons, de buren die haar niet aanspreken omdat ze schrik hebben haar lastig te vallen; dat is zwaar. En het zou nog veel erger geweest zijn, hadden we interviews gegeven.”
“Ik weet wel “parler, c’est sortir son douleur” maar voor mij zijn de media geen plek om je gevoelens te uiten. »

 

Philippe Rouxhet staat erop dit interview te geven: “Ik hoop dat het een paar mensen een beetje kan helpen om de integriteit van hun familie in de media te behouden. De ouders van de twee verdronken meisjes hebben veel foto’s en interviews gegeven en in enkele media zijn ze daarna door het slijk gesleurd. Kan je je inbeelden hoe vreselijk hard het moet zijn om tegelijkertijd te rouwen om de dood van je meisjes en geconfronteerd te worden met een gebroken, kapotgemaakt imago van je gezin?

 

Getuigenis Guillaume Van der Stigchelen, vader van Mattias

Mattias Van der Stigchelen verongelukte in de nacht van 2 op 3 maart 2011, toen hij op een studentenfeestje in een keldergat viel.

 

“Mijn eerste reactie was, hou de pers er buiten. Dit is privé. Ik had al vaker in de krant gestaan en op tv, maar dat was in een professioneel kader en met doorgaans vrolijk nieuws. De eerste goede raad kwam van onze goede vrienden Roman en Laurence. Zij hebben zelf een dochtertje verloren, neergeschoten op straat omdat haar oppas Afrikaans was. Ze vertelden dat het heel dubbel was. ’s Ochtends jaag je de pers van je erf en ’s nachts zoek je naar beelden in het avondjournaal.

 

Mijn echtgenote Kris reageerde anders dan ik. Ze hoorde dat er iets over werd gezegd in het nieuws en dat wilde ze zien. We hebben samen gekeken en ze zei dat haar dat goed deed. Voor haar was het belangrijk dat het niet onopgemerkt voorbij ging. Dat iedereen het wist.

 

Journalisten trachtten ons te benaderen; Heel voorzichtig trouwens, met veel respect. Een van onze vrienden was zelf journalist en hielp ons bij de contacten. Bij elke vraag om een interview overlegden zoveel het kon we met hele familie en de betrokken vrienden. We kregen inbreng in het tot stand komen van de artikels. Zo hebben we een map met krantenknipsels waar we nu nog steeds veel aan hebben. Interviews met de vrienden van onze zoon.

 

Voor de afscheidsceremonie werden er onder begeleiding van een vriend journalist heel duidelijke afspraken gemaakt en die zijn allemaal gerespecteerd door alle media.

 

We hebben de mediabelangstelling niet ervaren als opdringerig maar als een soort medeleven van iedereen. Het gevoel dat we niet alleen stonden. Het heeft zeker geholpen in die eerste donkere weken en het geeft ons nu een tastbare herinnering.”

 

Getuigenis van Guy Storms, vader van Vicky

Vicky Storms en haar vriend Alexis Robert, beiden 24, stierven op 27 januari 2010 nadat hun appartementsgebouw in de Rue Léopold in Luik ingestort was ten gevolge van een gasontploffing. Vicky en Alexis waren vlak na de ontploffing nog in leven en ze hebben de hulpdiensten de weg gewezen naar de 13-jarige Elena zodat het meisje eerst kon gered worden.


Kort na de redding van Elena flakkerde de brand weer op. Er was er een nieuwe instorting. Daarna hoorde niemand nog de stemmen van Vicky of Alexis. Pas drie dagen later heeft de wetsdokter officieel bevestigd dat Vicky Storms en Alexis Robert overleden waren.

 

Guy Storms, Vicky’s vader, heeft die drie lange dagen interviews gegeven aan enkele journalisten en hij heeft er geen spijt van: “Maar mocht ik nu kunnen kiezen, ik zou het op een andere manier doen. Via een vertrouwenspersoon als woordvoerder.”

 

“Als ik iemand een stukje raad zou willen geven, dan is het zeker dat: schakel iemand uit je kennissenkring in die contactpersoon wil zijn voor de media. Iemand die minder emotioneel betrokken is bij het drama. Als zoiets gebeurt, beland je in een emotionele draaikolk. Met journalisten praten, vraagt ontzettend veel beheersing en sterkte. En die heb je in de eerste plaats voor je gezin en je familie nodig. Die zijn veel belangrijker.”

 

Guy Storms heeft jarenlang in de Limburgse mediawereld gewerkt en kijkt met vrij positieve gevoelens terug op zijn ervaringen met de media tijdens één van de droefste momenten die zijn vrouw en hij hebben moeten meemaken:  “We hebben midden in de nacht het telefoontje gekregen met het onheilspellende nieuws maar toen we naar Luik reden, wisten we niet hoe erg het was. We hoopten Vicky te vinden in een ziekenhuis. Op zo’n moment beleef je een wijde waaier aan gevoelens, maar er is vooral hoop.”

 

Vicky’s vader arriveert op 27 januari 2010 in de vroege ochtend in de Rue Léopold in Luik. Guy Storms: “De pers was er al. En ze weten snel wie je bent.”
“Op dat moment had ik echt nog hoop, het gebouw brandde en er was veel rook maar de verdieping waar het appartement van Vicky en Alexis was, zag er nog vrij goed uit. Had ik op dat ogenblik geweten hoe erg het allemaal was, ik had wellicht met niemand van de pers gepraat.”

 

“Maar goed. Ik heb een interview gegeven aan een journaliste van de VRT en die beelden zijn vrijwel meteen verspreid. Ik droeg een vrij opvallende zwarte hoed en natuurlijk vonden alle journalisten mij dan onmiddellijk. Ook omdat Vicky het enige Vlaamse slachtoffer was en er het verhaal was van Alexis die Elena moed had ingepraat en had helpen redden, stonden we in de schijnwerpers.”

“ Mijn vrouw en ik hebben vrij snel besloten dat we enkel met “serieuze” media zouden praten. Niet met “de boekskes”. We hebben ons daar altijd aan gehouden en ik weet wel, dat kan een risico inhouden maar er is niets fout gegaan. Ze hebben wel enkele foto’s van het internet geplukt maar het viel echt mee.”

“Ik heb ook mijn gsm-nummer gegeven aan een journaliste die daarom vroeg. Ze zou me bellen als ze iets hoorde. Soms komen journalisten zaken sneller te weten dan de families. Ik heb haar zelf één keer gebeld. Er deden een hoop geruchten de ronde en zij kon me bevestigen dat er een persconferentie bezig was. Zo wisten we toch iets meer.”

“Die journaliste heeft nooit misbruik gemaakt van onze gsm-nummers. “

 

"Waarom wij met journalisten gepraat hebben?”

 

“Veel tijd of neiging om erover na te denken, heb je niet op zo’n moment. Er zijn andere zaken die veel belangrijker zijn, denk je. Ze pakken je ook op een zeer zwak moment. Je staat er absoluut niet bij stil waartoe al die contacten met de media kunnen leiden. Maar het is wel zeer duidelijk dat je moeilijk kan stoppen: eens je begint te praten met de media, is de druk om voort te doen zeer hoog.”

“We hebben gelukkig weinig of geen problemen gehad. Het feit dat Vicky en Alexis het meisje Elena hadden helpen redden, zal er wel voor gezorgd hebben dat geen enkel medium op zoek is gegaan naar meer persoonlijke of sensationelere informatie over Vicky en Alexis.”
 

“Eén krant heeft naar mijn ouders gebeld. Ik heb jaren in de mediawereld gewerkt en kende de hoofdredacteur. Ik heb hem meteen getelefoneerd en gevraagd mijn ouders met rust te laten. En dat hebben ze gedaan. Maar ik besef heel goed dat weinig mensen zomaar een hoofdredacteur kunnen bellen. Je hebt de berichtgeving in de media eigenlijk niet in de hand. En je zit danig in een storm van emoties dat je je daarmee ook niet wil en kan bezighouden.”
 

“Nu, bijna twee jaar later, zitten we wel met gemengde gevoelens. Vandaag weet we nog altijd niet wat nu precies de oorzaak was van de ontploffing maar in de media wordt die vraag niet of nog nauwelijks gesteld. We blijven zitten met de indruk dat de eerste dagen en weken alles kon voor de journalisten en onze ervaringen met de media waren positief.”

“Maar dan was het plots gedaan. Er leek geen interesse meer naar de oorzaak, het waarom van dit drama. En dat is toch een vraag die wij ons altijd zullen blijven stellen. Tot iemand ons een duidelijk antwoord bezorgt.”

Rss feed